De gevaren van de zombie-economie en hoe Nederland zich moet aanpassen

De Nederlandse economie lijkt in een soort slaperige, maar steeds diepere stagnatie te verkeren. Met een groeipercentage dat sinds jaren onder de 1% blijft, een werkloosheidscijfer dat in 2023 rond de 4,5% bleef hangen en een schuldlast die in 2022 voor het eerst sinds de financiële crisis boven de 70% van het bruto binnenlands product (bbp) steeg, lijkt er geen enkele duidelijke impuls te zijn. Het fenomeen, dat in de wetenschappelijke literatuur vaak wordt omschreven als een “zombie-economie”, is niet nieuw, maar in Nederland lijkt het zich in een nieuwe, onverwachte vorm te manifesteren. Deze term, die oorspronkelijk werd geïntroduceerd door het Amerikaanse econoom Paul Romer, verwijst naar een economische structuur waarin bedrijven en sectoren, ondanks een gebrek aan innovatie en groei, door lage rente en een zwakke concurrentie blijven bestaan. Het is een situatie die niet alleen financiële stabiliteit bedreigt, maar ook de toekomstperspectieven voor jongeren en de innovatiedrang van het land in twijfel trekt.

Wat maakt de Nederlandse situatie speciaal? Ten eerste is het de combinatie van een relatief hoog niveau van productiviteit met een gebrek aan daadwerkelijke economische dynamiek. Nederland staat al jaren op de eerste plaats in de OECD in termen van productiviteit per werknemer, maar deze voordelen worden niet omgezet in groei of welvaart. Dit verschijnsel, dat bekend staat als “productiviteitsgroei zonder groei”, is een teken van een economie die in een soort “stagnatieve loopbaan” verkeert. Een voorbeeld hiervan is de Nederlandse landbouw, die ondanks een efficiënt systeem met moderne technologieën, niet in staat is om de vraag naar voedsel te verlagen of nieuwe markten te openen. Ook de logistieke sector, die al decennia een sleutelfunctie in de Nederlandse economie vervult, lijkt in een soort “zombiestaat” te verkeren. De kosten van logistieke diensten zijn hoog, maar de innovatie is laag, waardoor het land niet in staat is om concurrentie te leveren met landen als Duitsland of China.

Een ander kenmerk van de Nederlandse zombie-economie is de sterke afhankelijkheid van een beperkt aantal sectoren. De landbouw en de logistieke sectoren, samen met de financiële dienstverlening, dragen ongeveer 30% bij aan het bbp. Dit is een risico, omdat een crisis in één van deze sectoren een grote impact kan hebben op de gehele economie. Een voorbeeld hiervan is de coronapandemie, die de logistieke sector hard heeft getroffen. Het vertraging van scheepvaart en luchtvaart, samen met de vraag naar distributie, leidde tot een scherpe stijging van de transportkosten. Dit heeft niet alleen de consumentenprijsindex (CPI) in de hoogte gedreven, maar heeft ook de exportwaarden van Nederland verlaagd. Deze afhankelijkheid maakt het moeilijk om de economie te diversifiëren en nieuwe groeimogelijkheden te creëren.

Maar wat zijn de gevolgen van deze stagnatie voor het dagelijks leven? Ten eerste zijn de kosten voor consumenten hoog. De inflatie in Nederland is in 2023 opgelopen tot 5,2%, een niveau dat hoog is ten opzichte van de gemiddelde inflatie in de Europese Unie. Dit heeft geleid tot een toename van de prijsstijgingen voor energie, voedsel en huur. Een voorbeeld hiervan is de stijging van de huurprijs in Amsterdam, die in de afgelopen vijf jaar met meer dan 15% is gestegen. Ook de kosten voor energie zijn gestegen, met een stijging van 30% in 2022 alleen al. Dit heeft een negatieve impact op het welzijn van consumenten en kan leiden tot een grotere ongelijkheid binnen de samenleving. Ten tweede is er een gebrek aan innovatie en nieuwe jobmogelijkheden. De Nederlandse werkloosheid is al jaren rond de 4,5%, maar er is geen duidelijk groeiende sector waar jongeren zich kunnen orienteren. Dit heeft geleid tot een generatie die zich afvraagt of er nog een toekomst voor hen ligt in Nederland.

Om deze situatie aan te pakken, zijn er verschillende maatregelen nodig. Ten eerste moet de overheid investeren in innovatie en onderwijs. Dit kan bijvoorbeeld door middel van subsidies voor startups en innovatieve bedrijven, en door het moderniseren van het onderwijs aan de universiteiten en hogescholen. Een voorbeeld hiervan is het programma “Innovatie voor de Toekomst”, dat door het ministerie van Economische Zaken wordt gefinancierd en gericht is op het ondersteunen van innovatieve bedrijven. Ten tweede moet de overheid de afhankelijkheid van een beperkt aantal sectoren verminderen door nieuwe groeimogelijkheden te creëren. Dit kan door middel van subsidies voor de technologie- en duurzaamheidssectoren, zoals de windenergie en de elektrificatie van transport. Een voorbeeld hiervan is het plan van het kabinet om in 2030 de uitstoot van broeikasgassen te halen. Ten derde moet de overheid de kosten voor consumenten verlagen door middel van beleid dat gericht is op duurzame energie en efficiëntie. Dit kan bijvoorbeeld door middel van subsidies voor zonnepanelen en warmtepompen.

Maar er is ook kritiek op deze benadering. Sommige economen en bedrijfsleiders menen dat Nederland te veel focus heeft op het “zombiestatuut” en te weinig op het creëren van nieuwe groeimogelijkheden. Een voorbeeld hiervan is het debat over de rol van de Nederlandse banken in de economie. De Nederlandse banken zijn al jaren een belangrijke speler in de Europese markt, maar er is geen duidelijk plan om deze sector te moderniseren en te vernieuwen. Dit kan leiden tot een situatie waarin de Nederlandse banken in een soort “zombiestaat” verkeren, en de economie niet in staat is om te concurreren met andere Europese landen. Om deze kritiek te beantwoorden, moet Nederland investeren in de digitalisering en innovatie van de financiële sector, met behulp van technologie zoals blockchain en kunstmatige intelligentie.

  • In 2023 bleef de Nederlandse economie groeien met slechts 0,7%, het laagste groeipercentage sinds 2009.
  • De schuldlast van het Nederlandse gouvernement was in 2022 voor het eerst sinds de financiëre crisis boven de 70% van het bbp.
  • De logistieke sector in Nederland heeft in 2022 een kostenstijging van 15% geleden door de coronapandemie.
  • De huurprijs in Amsterdam is in de afgelopen vijf jaar met meer dan 15% gestegen.
  • De werkloosheid in Nederland bleef in 2023 rond de 4,5%, een niveau dat al jaren stabiel is.
  • De Nederlandse productiviteit per werknemer staat op de eerste plaats in de OECD, maar groeit niet met de economie.

De Nederlandse zombie-economie is geen onoverwinnelijk fenomeen, maar het vergt een serieuze en ambitieuze aanpak om de economie uit deze stagnatie te halen. Nederland moet investeren in innovatie, diversifiëren en de consumentenbelangen beter beschermen. Het is een uitdaging, maar met de juiste beleidsmaatregelen kan Nederland weer een dynamische en groeiende economie worden. Het is belangrijk dat de overheid en het bedrijfsleven samenwerken om deze uitdaging aan te pakken en een betere toekomst te creëren voor de komende generaties.

lees hier